Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Nr. 60 (Nota van wijziging)

Draaiboek voor de regelgeving

De regering kan een door haar ingediend voorstel van wet wijzigen zolang het niet door de Tweede Kamer is aangenomen (artikel 84, eerste lid, van de Grondwet). Een nota van wijziging wordt in het stadium van het voorbereidend onderzoek veelal gelijktijdig met de nota naar aanleiding van het (nader) verslag aangeboden. Afzonderlijke indiening van een nota van wijziging is echter ook mogelijk.

Bij de nota van wijziging wordt een toelichting gevoegd (Ar 6.28). Indien de nota van wijziging gelijktijdig met de nota naar aanleiding van het (nader) verslag wordt ingediend, kan ter toelichting worden volstaan met een verwijzing naar een bepaald gedeelte van die nota (Ar 6.28). De nota van wijziging wordt niet ondertekend, wel de daarbij gevoegde toelichting (Ar 6.29).

Ook bij een nota van wijziging moet men alert zijn op eventuele notificatieverplichtingen (zie hierover nader nr. 34a en de handleiding notificatie). Voorts moet uiteraard zo nodig interdepartementaal overleg plaatsvinden over een nota van wijziging, in ieder geval als de nota van wijziging onderwerpen betreft die eerder bij de voorbereiding van het wetsvoorstel in interdepartementaal verband aan de orde zijn geweest.

Een nota van wijziging met inhoudelijke betekenis die in het stadium van het voorbereidend onderzoek wordt ingediend, wordt vooraf ter toetsing voorgelegd aan de Sector Juridische Zaken en Wetgevingsbeleid (JZW) van de Directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (Ar 6.30; zie ook nr. 10). Ingrijpende wijzigingen worden voorts voorgelegd aan de ministerraad (zie de nr. 23 tot en met 32) en eventueel aan de Afdeling advisering van de Raad van State (zie nr. 61).

In de nota van wijziging wordt niet voorzien in vernummering van artikelen of van (onderdelen van) hoofdstukken van het wetsvoorstel, tenzij dit onvermijdelijk is (Ar 6.32). Bij het invoegen of schrappen van artikelleden wordt wel vernummerd (Ar 6.32, toelichting). De considerans en de artikelen van een wetsvoorstel kunnen alleen bij nota van wijziging gewijzigd worden. Het opschrift en de aanduiding van de ondertekenende bewindspersonen daarentegen behoren niet tot de eigenlijke inhoud van het wetsvoorstel. Daarop betrekking hebbende wijzigingen kunnen in een nota van wijziging worden meegenomen, maar kunnen ook zonder gebruikmaking van die vorm worden aangebracht, bijvoorbeeld door een opmerking in de nota naar aanleiding van het verslag (zie de toelichting bij Ar 6.7). Wijzigingen van laatstbedoelde aard zijn ook nog mogelijk na de aanvaarding van het wetsvoorstel door de Tweede Kamer.

De bewindspersoon kan nog tot het tijdstip van de stemming over het desbetreffende wetsvoorstel hierin wijzigingen aanbrengen. Dit kan zowel schriftelijk als mondeling, tijdens de plenaire behandeling, geschieden. Mondeling aangebrachte wijzigingen verschijnen evenwel achteraf eveneens in de vorm van een nota van wijziging. Daartoe dient in beide gevallen de nota van wijziging bij de Griffie plenair te worden aangeleverd.

Indien kort voor de stemmingen een nota van wijziging zal worden ingediend bij de Tweede Kamer, dan verdient het aanbeveling dit zo tijdig mogelijk (desnoods direct na de ondertekening) ambtelijk bij het Bureau Wetgeving van de Tweede Kamer aan te kondigen (o.a. in verband met de eventuele samenhang met amendementen en stemmingslijsten).

Is de verwachting dat na de artikelsgewijze stemming nog wijzigingen in het wetsvoorstel moeten worden aangebracht, of blijkt dit bij de stemmingen, dan kan de Tweede Kamer worden verzocht te besluiten de eindstemming over het wetsvoorstel uit te stellen ten behoeve van een zogenoemde tweede lezing (zie hierover nr. 79 en artikel 105 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer).

Een door de minister tijdens de plenaire behandeling mondeling overgenomen amendement, is nadien – zonder nadere handeling – een integraal onderdeel van het wetsvoorstel. Er dient dus geen nota van wijziging te worden ingediend om het amendement in het wetsvoorstel op te nemen. Zie hierover voorts nr. 71.

Het is aan te raden om bij het maken van nieuwe nota’s van wijziging en amendementen de “bij-tekst” te gebruiken. Zie hierover nr. 62.

Laatst gewijzigd op: 5-12-2018