Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Privatisering

Integraal afwegingskader voor beleid en regelgeving

Wanneer besloten wordt dat een bepaalde taak niet langer meer een overheidstaak is, kan worden gekozen voor privatisering van de uitvoerende organisatie of het bedrijf. Dit kan uiteraard alleen als er een juridische of economische band is met de betreffende organisatie of het bedrijf.

Privatisering betekent meestal dat de organisatie of het bedrijf verkocht wordt aan een marktpartij. Als het om een staatsdeelneming gaat, worden de aandelen direct verkocht of verhandeld op de beurs. Bij een gedeeltelijke verkoop van aandelen is er strikt genomen geen sprake van privatisering; dan blijft er sprake van een staatsdeelneming.

Bij verkoop van alle aandelen houdt de invloed van de overheid als aandeelhouder op de organisatie of het bedrijf op. Wel kan ervoor worden gekozen om als marktmeester onafhankelijk toezicht te houden dan wel te organiseren. Een voorbeeld hiervan vormt de telefoniemarkt; het staatsbedrijf PTT is eerst verzelfstandigd tot een staatsdeelneming (KPN NV), daarna zijn de alle aandelen in KPN in tranches verkocht en tegenwoordig wordt de telefoniemarkt gereguleerd door de Telecommunicatiewet. Op grond daarvan wordt door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en Agentschap Telecom toezicht gehouden. Daarnaast kan ACM in bepaalde gevallen marktmaatregelen treffen. Daarnaast is de Mededingingswet van toepassing op het gedrag van aanbieders van telecomdiensten en -netwerken.

Bij privatisering (en verzelfstandiging) dient aandacht besteed te worden aan de borging van publieke belangen. Publieke belangen moeten expliciet en volledig worden afgewogen. Ze moeten zorgvuldig worden afgezet tegen andere publieke en maatschappelijke belangen (waaronder economische en financiële, maar ook democratische en rechtsstatelijke). Bij een voornemen tot (volledige) privatisering moet worden afgewogen of het bestaande wettelijke kader voldoende is om de publieke belangen die in het geding zijn te borgen zonder het aandeelhouderschap (zie Nota Deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2013 (bijlage bij Kamerstukken II 2013/14, 28165, nr. 165). Zie ook IAK-vraag 5 Wat rechtvaardigt overheidsinterventie?

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties informeert de Kamer jaarlijks over voorgenomen privatiseringen en verzelfstandigingen.

Relevante verplichte kwaliteitseisen
Relevante verplichte kwaliteitseisenToelichting
Besliskader privatisering en verzelfstandigingInhoudelijke aandachtspunten en procesmatige richtlijnen, toepassen bij privatiserings- en verzelfstandigingstrajecten om de kwaliteit van de besluitvorming te borgen.

Laatst gewijzigd op: 8-5-2020