Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Nr. 262 (Adviesaanvragen aan de Afdeling advisering van de Raad van State (van het Koninkrijk))

Draaiboek voor de regelgeving

De voordracht aan de Koning met het oog op het horen van de Afdeling advisering van de Raad van State (van het Koninkrijk) (nr. 244) luidt in het geval van stilzwijgende goedkeuring van het voornemen tot opzegging van een verdrag als volgt:

«Daartoe gemachtigd door de ministerraad (van het Koninkrijk) breng ik Uwe Majesteit (mede namens mijn ambtgenoot van/voor ...) ter kennis dat het voornemen bestaat het bovengenoemde verdrag op te zeggen. Dit voornemen, vergezeld van een toelichtende nota, bied ik U hierbij aan.

Het voornemen tot opzegging behoeft de goedkeuring van de Staten-Generaal alvorens daartoe kan worden overgegaan.

In verband hiermee neemt de Minister van Buitenlandse Zaken zich voor dit voornemen ter stilzwijgende goedkeuring voor te leggen aan de Eerste en aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal (en dit tevens voor te leggen aan de Staten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten).

Ik moge U verzoeken het voornemen aan de Afdeling advisering van de Raad van State (van het Koninkrijk) voor te leggen en de Raad te machtigen haar advies rechtstreeks aan mij te doen toekomen (en afschrift van het advies toe te zenden aan mijn bovenvermelde ambtgenoot).»

Dit geldt ook voor voornemens tot intrekking van voorbehouden. Bij een uitdrukkelijke goedkeuring van het voornemen tot opzegging van een verdrag dan wel tot intrekking van een voorbehoud hebben voordracht, advies en nader rapport geen speciale formulering. Die stukken volgen de normale redactie die bij formele (rijks)wetten gebruikelijk is.

Laatst gewijzigd op: 12-9-2018