Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Nr. 125 (Inwerkingtreding)

Draaiboek voor de regelgeving

Ingevolge artikel 22 van het Statuut dient de inwerkingtreding van een rijkswet te worden geregeld door de rijkswet zelf. Dat betekent dat de rijkswet ofwel zelf het tijdstip van inwerkingtreding vaststelt ofwel deze vaststelling delegeert aan bijvoorbeeld een (klein) koninklijk rijksbesluit, aangezien de aanvullende bepaling van artikel 7 van de Bekendmakingswet niet van toepassing is op rijksregelgeving.

Het stelsel van de Vaste Verander Momenten (VVM) geldt niet voor rijksregelgeving. Het verdient aanbeveling voor de inwerkingtreding een termijn van minimaal 30 dagen na de datum van uitgifte van het Staatsblad aan te houden, in verband met de bekendmaking in de rijksdelen overzee (Ar 4.14). Teneinde de eenvormigheid te bevorderen ligt het voor de hand de inwerkingtreding te doen geschieden met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de (beoogde) datum van uitgifte van het Staatsblad. Zie voor de inwerkingtreding van rijkswetten tot goedkeuring van verdragen nr. 253.

Laatst gewijzigd op: 29-8-2018