Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Nr. 109 (Spoedadvies van de Afdeling advisering van de Raad van State)

Draaiboek voor de regelgeving

De beslissing om een spoedbehandeling van een adviesaanvraag bij de Afdeling advisering van de Raad van State aan te vragen behoort primair tot de verantwoordelijkheid van de betrokken bewindspersoon. Met het vragen van spoedadviezen moet grote terughoudendheid worden betracht om te voorkomen dat door een te groot aantal spoedaanvragen de werkzaamheden bij de Afdeling worden verstoord. Het Ministerie van Algemene Zaken draagt op dit punt zorg voor afstemming en coördinatie. Het vragen van een spoedbehandeling wordt zoveel mogelijk beperkt tot gevallen waarin:

  1. een implementatietermijn van een internationale regeling of bindende EU-rechtshandeling is of dreigt te worden overschreden;
  2. een andere fatale termijn is of dreigt te worden overschreden;
  3. het achterwege laten van een spoedbehandeling substantiële budgettaire gevolgen zou hebben;
  4. door een spoedbehandeling de noodzaak tot het verlenen van terugwerkende kracht aan de regeling wordt voorkomen of minder dringend wordt;
  5. sprake is van een urgent herstel van een gebrek in de regelgeving.

Deze opsomming is overigens niet limitatief; er kunnen zich derhalve andere bijzondere omstandigheden voordoen.

De hierboven genoemde gevallen rechtvaardigen een verzoek om spoedbehandeling niet zonder meer. Bij de afweging of een spoedbehandeling kan worden gevraagd, zal steeds een relatie moeten worden gelegd met de termijn waarbinnen de ontwerpregeling is voorbereid op het ministerie. Vertragingen in de (inter)departementale voorbereiding behoren niet te worden afgewenteld op de Afdeling advisering van de Raad van State.

Het vragen van een spoedbehandeling van een adviesaanvraag kan slechts worden gedaan met machtiging van de ministerraad (Ar 7.11). Een voorstel voor een verzoek om spoedadvies dient steeds door de betrokken minister of staatssecretaris zelf aan de ministerraad (of aan de desbetreffende onderraad) te worden gedaan in een brief, voorzien van een motivering. De brief dient te worden geadresseerd aan de Minister-President, voorzitter van de ministerraad. Hij dient te worden verzonden als onderdeel van de ministerraadsstukken waarbij de ontwerpregeling ter goedkeuring aan de ministerraad wordt voorgelegd (zie Algemeen voorbeeld verzoek spoedadvies).

Het voorstel voor een verzoek om spoedadvies wordt in eerste aanleg bekeken door het Ministerie van Algemene Zaken. Dit ministerie beoordeelt het verzoek naar de hierboven genoemde maatstaven. Het ligt in de rede dat het Ministerie van Algemene Zaken over te vragen spoedadviezen overleg pleegt met de Directie Wetgeving van het Ministerie Justitie en Veiligheid. Dit overleg vindt steeds plaats via kort en snel ambtelijk contact. Ook hier geldt dat opmerkingen die ambtenaren op andere departementen aan hun bewindspersoon doorgeven in verband met de bespreking van het voorstel, tevens worden gemeld aan de op het ministerraadformulier vermelde behandelend ambtenaar (zie ook nr. 29).

Indien de ministerraad heeft ingestemd met het voorstel om een spoedadvies te vragen, wordt het verzoek (in principe kan dit dezelfde brief zijn als aan de ministerraad werd gezonden, uiteraard met een aangepaste adressering; zie voorbeeld), vergezeld van een afschrift van het ontwerp, gelijktijdig met aanbieding aan de Koning, toegezonden aan de vice-president van de Raad van State.

Indien de ministerraad een machtiging heeft verleend om een spoedadvies te vragen, wordt ook het Kabinet van de Koning hiervan op de hoogte gesteld, zodat de adviesaanvraag eveneens met spoed aan de Koning kan worden voorgelegd. Dit kan geschieden door op het begeleidend memo aan te geven dat de Afdeling om een spoedadvies is verzocht. Het wordt door het Kabinet van de Koning op prijs gesteld als een afschrift van de brief aan de vice-president van de Raad van State waarin het verzoek om een spoedverzoek wordt gedaan, wordt bijgevoegd bij de adviesaanvraag. Vanzelfsprekend moet het ministerie er voor zorgen dat de rechtstreeks aan de Afdeling te zenden stukken zo spoedig mogelijk worden bezorgd.

In gevallen waarin van de spoedprocedure gebruik wordt gemaakt, verdient het aanbeveling om het conceptwetsvoorstel voor de ministerraadbehandeling reeds op ambtelijk niveau onderhands ter kennis te brengen van de Afdeling, mits het een volledig interdepartementaal afgestemd concept betreft. Aldaar kunnen dan reeds de nodige voorbereidingen worden getroffen met het oog op het tijdig opstellen van een conceptadvies.

Laatst gewijzigd op: 4-12-2018