Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Over de 10e wijziging

Aanwijzingen voor de regelgeving (10e wijziging)

10e wijziging Aanwijzingen voor de regelgeving

De Aanwijzingen voor de regelgeving vormen het kader dat wetgevingsjuristen van de centrale overheid in acht horen te nemen bij het opstellen van regelgeving. De huidige aanwijzingen zijn op 1 januari 1993 voor het eerst vastgesteld en nadien regelmatig gewijzigd. De 10e wijziging van de Aanwijzingen voor de regelgeving (Ar) is op 1 januari 2018 in werking getreden (Staatscourant 29 december 2017, nr. 69426). Dat is exact 25 jaar geleden sinds de eerste versie van de Aanwijzingen voor de regelgeving.

Deze aanwijzingen gelden met ingang van 1 januari 2018. Dat betekent dat bij ontwerp­regelingen die worden opgezet vanaf deze datum de nieuwe aanwijzingen in acht genomen horen te worden. De met dit besluit doorgevoerde wijzigingen zijn echter niet van dien aard dat het nodig zou zijn om regelingen die reeds eerder in procedure zijn gebracht, aan te passen aan deze nieuwe aanwijzingen. Dat is slechts anders bij aanwijzingen die de neerslag vormen van eerder reeds vastgesteld regelgevingsbeleid (bijvoorbeeld aanwijzing 9.5 over lastenluwe implementatie). Deze regels golden derhalve al en de opname in de Aanwijzingen is in feite slechts een codificatie van reeds geldend beleid.

Verbeteringen in structuur en leesbaarheid

Waar de eerdere wijzigingsbesluiten van de Aanwijzingen steeds wijzigingen op de bestaande tekst betroffen, heeft deze wijziging het karakter van een nieuwe vaststelling van de gehele tekst van de Aanwijzingen. Op deze wijze konden enkele verbeteringen door het geheel van de Aanwijzingen worden doorgevoerd die de structuur en leesbaarheid vergroten: 

  1. De volgorde van de aanwijzingen, waarvan de logica als gevolg van incidentele tussenvoegingen door de jaren heen inmiddels te wensen overliet, is aangepast. Zo is de inhoud van het oude hoofdstuk 4 nu verdeeld over een hoofdstuk 4 met algemene bestanddelen van regelingen, dat wil zeggen de bestanddelen die in beginsel in elke regeling aangetroffen kunnen worden, en een hoofdstuk 5 waarin de bijzondere bestanddelen van regelingen worden behandeld.
  2. In verband daarmee zijn de aanwijzingen tevens hernummerd. Daarbij is gekozen voor een gelede nummering, bestaande uit het hoofstuknummer en een volgnummer binnen dat hoofdstuk. Een bijkomend voordeel daarvan is dat bij een verwijzing naar een aanwijzing direct duidelijk is of die betrekking heeft op de oude of de nieuwe aanwijzingen. Om de relatie tussen oude en nieuwe aanwijzingen zichtbaar te maken is in de onderstaande aanwijzingsgewijze toelichting bij elke aanwijzing aangegeven welke oude aanwijzingen daarin zijn neergeslagen. Tevens is een tabel opgenomen waarin bij elke oude aanwijzing is aangegeven of en zo ja waar deze is neergeslagen in de nieuwe Aanwijzingen. 
  3. Elke aanwijzing heeft een verkorte aanduiding van het onderwerp meegekregen achter het nummer. Deze komen grotendeels overeen met de in de praktijk vaak gebruikte kantlijnaanduidingen.
  4. Bij de redactie van de aanwijzingen is een consequenter opzet toegepast. Voorbeelden die voorheen soms in de aanwijzingtekst, soms in de toelichting waren geplaatst, zijn nu zo veel mogelijk in de toelichting geplaatst.
  5. Waar mogelijk zijn beschrijvingen van toetsen en procedures geschrapt omdat deze inmiddels beter op hun plaats zijn in het Integraal Afwegingskader beleid en regelgeving (IAK) of in het Draaiboek voor de regelgeving. Dat maakt het ook eenvoudiger om de informatie indien nodig te actualiseren.
  6. De modellen zijn leesbaarder gemaakt door optionele en nader in te vullen elementen te markeren door deze tussen blokhaken te plaatsen (voorbeeld: [het Staatsblad/de Staatscourant]). De tekst tussen die blokhaken en de blokhaken zelf maken dus niet letterlijk deel uit van de resultaattekst. Daarmee kunnen ze beter worden onderscheiden van tekstelementen die wel letterlijk overgenomen moeten worden in de resultaattekst en waarbij de haakjes deel uitmaken van de op te nemen tekst (voorbeeld: 'De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van ...... [datum en nummer]). Zoals ook voorheen al gebruikelijk was, zijn uitdrukkingen en modellen die in de tekst van een aanwijzing zelf zijn opgenomen, cursief weergegeven om deze beter te kunnen onderscheiden van de overige tekst van de aanwijzing.
  7. De opgenomen voorbeelden zijn geactualiseerd en uitgebreid. Daar waar voorheen nog wel werd verwezen naar elders te vinden voorbeelden zijn deze nu in de tekst zelf opgenomen.
  8. Beleidsregels zijn nu als variant van regelgeving telkens meegenomen bij de gegeven modellen in plaats van deze afzonderlijk te behandelen.
  9. Er zijn diverse taalkundige correcties en verhelderingen doorgevoerd, mede om een consequenter taalgebruik door de aanwijzingen heen te realiseren.

Wijzigingen met een meer inhoudelijk karakter

Daarnaast zijn ook wijzigingen met een meer inhoudelijk karakter doorgevoerd, zoals:

  1. Diverse aanpassingen als gevolg van gewijzigde omstandigheden zijn doorgevoerd (zo zijn bijvoorbeeld verwijzingen naar de Koningin omgezet in verwijzingen naar de Koning; namen van ministers en ministeries zijn aangepast aan de actuele situatie). 
  2. De aanwijzingen over het tot uitdrukking brengen van medebetrokkenheid van een andere bewindspersoon zijn aangepast met het oog op het terugdringen daarvan, omdat dit in veel gevallen onnodig is. 
  3. Aanwijzingen waar geen behoefte meer bestaat omdat zij zich bijvoorbeeld uitlieten over in onbruik geraakte technieken of werkwijzen (b.v. het gebruik van voorontwerpen van wet), of omdat de praktijk zich inmiddels geconformeerd heeft aan een voorheen nieuwe werkwijze (zoals het vermijden van ‘Wij’ en ‘Ons’ in regelgeving) zijn geschrapt.
  4. De paragraaf over bestuursrechtelijke rechtsbescherming (nu: paragraaf 5.11) is geactualiseerd, met name in verband met de inwerkingtreding van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht (Stb. 2012, 682) waarmee het bestuursprocesrecht zoveel mogelijk is geconcentreerd in de Awb.