Kenniscentrum Wetgeving en Juridische zaken

Aanwijzing 2.46 Afwijking van algemene wetten

Aanwijzingen voor de regelgeving (10e wijziging)

  1. In bijzondere wetten wordt alleen afgeweken van algemene wetten, indien dit noodzakelijk is. Een afwijking wordt in de memorie van toelichting bij de bijzondere wet gemotiveerd.
  2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op aanvullingen in bijzondere wetten op een regeling in een algemene wet die uitputtend is bedoeld.

Toelichting

Eerste lid. Met algemene wetten worden bedoeld wetten die algemene regels voor een rechtsgebied of een deelterrein geven. Als algemene wetten voor een rechtsgebied moeten onder andere worden beschouwd de wetboeken, de Algemene termijnenwet, de Algemene wet bestuursrecht, de Bekendmakingswet, de Gemeentewet, de Provinciewet, de Waterschapswet, de Kaderwet adviescolleges, de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, de Wet bescherming persoonsgegevens, de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, de Dienstenwet, de Wet op de economische delicten, de Wet op de rechterlijke organisatie, de Wet openbaarheid van bestuur en de Algemene wet op het binnentreden. Als algemene wetten voor een deelterrein moeten onder andere worden beschouwd de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Wet financiering sociale verzekeringen en de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

Tweede lid. Een voorbeeld is de introductie in bijzondere wetgeving van toezichtsbevoegdheden die aanvullend zijn op de bevoegdheden van de Algemene wet bestuursrecht: er wordt in dat geval expliciet afgewogen of de te verwachten resultaten van toepassing van de bevoegdheid niet met behulp van bestaande bevoegdheden kunnen worden bereikt, in hoeverre de bevoegdheid uitvoerbaar en effectief kan zijn en in hoeverre de bevoegdheid proportioneel is. Daarin worden de ervaringen met de handhaving, de aard van de overtreding, de aard van de doelgroep, de aard van het toezicht en het karakter van de aanvullende bevoegdheid meegewogen.

Ter voorkoming van onduidelijkheden over de verhouding tussen de bijzondere wet en de algemene wet wordt bij afwijking van dwingend recht van de algemene wet deze afwijking duidelijk gemaakt in de wettekst. Zie ook aanwijzing 3.35.